Elvis Peeters, De Ommelanden.
In De Ommelanden probeert men in de stad de perfecte tomaat te kweken met behulp van hydro- en potgrondcultuur, de juiste temperatuur en nabootsing van dag en nacht. In de buitengebieden wordt een zaadje in de grond gestoken, en voor de rest hangt het van zon en water af. Het lijkt soms alsof er in jullie boek een beetje wordt gegniffeld met de cultuur die in de stad heerst.Nicole Van Bael: Ik spreek me daar niet over uit. Maar ik kan het weleens raar vinden als men wel de Latijnse naam van een heel specifieke aardappelsoort kent maar niet weet hoe je pootgoed in de grond moet steken. Daar zit voor mij de kloof: het wegdeemsteren van de basiskennis over hoe voedsel wordt gekweekt.Peeters: Ik ben de zoon van een witloofkweker, ik weet dus dat witloof op hydrocultuur een groen randje heeft, terwijl er aan witloof uit volle grond een geel randje zit. Het is gewoon niet hetzelfde. Maar we vellen er geen waardeoordeel over.Van Bael: Neem nu Marie. Zij is de zus van de fotografe en woont in een woontoren in de stad. Op een gegeven moment krijgt ze de behoefte om groenten te gaan kweken in een van de daktuintjes. Het is een bezigheid voor haar, zoals je zou gaan balletdansen of Portugees leren. In de ommelanden is er geen keuze. Als je daar geen groenten kweekt, heb je geen eten. Dat is het verschil.(Knack)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten
Opmerking: Alleen leden van deze blog kunnen een reactie posten.