Snijders schrijft over zijn verhuis van Amsterdam naar het
platteland. Hij schrijft dat hij zich een stadmens voelde “met een landelijk
randje”. Maar het verandert:
In de loop van de jaren is het accent verschoven, ik ben een buitenman met een stedelijk randje geworden. De voornaamste oorzaak is het geluid. Ik hou meer van het geloei van koeien dan van het janken van ambulances, meer van het hanengekraai dan het snerpen van remmen, meer van mijn eigen muziek dan van de muziek van de buren (ook als is dat mijn eigen muziek), meer van het gekwetter van mezen dan het gekwebbel van mensen” (Snijders, Vijf Bijlen, p. 536).

Geen opmerkingen:
Een reactie posten
Opmerking: Alleen leden van deze blog kunnen een reactie posten.